FATF roept Marokko op om toezicht op crypto-activiteiten te versterken
Het verbod van Marokko op cryptocurrencies is mogelijk niet langer voldoende om het financiële systeem te beschermen tegen de risico's die samenhangen met virtuele activa. Internationale normen vereisen steeds meer dat landen niet alleen ongeautoriseerde activiteiten beperken, maar ook aantonen dat ze in staat zijn om illegale diensten die buiten het formele financiële systeem opereren, te identificeren, te onderzoeken en te vervolgen.
Het probleem komt prominent naar voren in de laatste update van de Financial Action Task Force (FATF), die onderzoekt hoe rechtsgebieden internationale normen voor virtuele activa en aanbieders van virtuele activadiensten (VASPs) implementeren. De beoordeling komt terwijl een groeiend aantal landen zich van een algeheel verbod afwendt naar vergunningverlening en risicogebaseerd toezicht.
Op basis van een enquête die tussen februari en juni 2026 werd uitgevoerd, meldde de FATF dat 86% van de deelnemende rechtsgebieden beoordelingen had uitgevoerd van de risico's die samenhangen met virtuele activa. Marokko was een van de landen die meldde een dergelijke beoordeling te hebben voltooid.
Voor de FATF is het identificeren van risico's echter slechts het beginpunt. Van de autoriteiten wordt verwacht dat ze die beoordelingen vertalen naar effectieve toezicht- en handhavingsmaatregelen. Dit vormt een bijzondere uitdaging voor Marokko, dat ervoor heeft gekozen om virtuele activiteit te verbieden in plaats van een vergunningen- en toezichtkader voor de sector op te stellen.
De aanpak van Marokko plaatst het onder een groeiende groep rechtsgebieden die expliciete verboden hebben aangenomen. Volgens de beoordeling van de FATF steeg het percentage rechtsgebieden dat deze aanpak volgde tot 23% in 2026, vergeleken met 11% in 2023, waarbij het beleid vooral zichtbaar is in het Midden-Oosten en Noord-Afrika.
De FATF benadrukt echter dat een verbod, hoewel het in principe compatibel is met zijn normen, de verantwoordelijkheid van de autoriteiten niet wegneemt om illegale activiteiten aan te pakken die ondanks het verbod kunnen doorgaan.
De grensoverschrijdende aard van digitale activa maakt handhaving bijzonder moeilijk. Gebruikers kunnen toegang krijgen tot buitenlandse platforms, activa rechtstreeks tussen elkaar overdragen en vertrouwen op ongehoste wallets die niet zijn verbonden met gereguleerde financiële tussenpersonen.
Als gevolg hiervan sluit het sluiten van de deur voor formele crypto-diensten de onderliggende markt niet noodzakelijkerwijs uit. In plaats daarvan kunnen sommige transacties migreren naar kanalen die aanzienlijk moeilijker te detecteren en te monitoren zijn voor conventionele toezichtsystemen.
Peer-to-peer transacties met ongehoste wallets zijn een van de gebieden die bijzondere aandacht krijgen van de FATF. Ongeveer 88% van de ondervraagde rechtsgebieden classificeerde dergelijke activiteiten als een hoog risico, wat de bezorgdheid weerspiegelt over het ontbreken van een gereguleerde tussenpersoon die verantwoordelijk is voor het toepassen van anti-witwas- en tegen-terrorisme-financieringseisen en het rapporteren van verdachte transacties.
De uitdaging is bijzonder groot voor landen die aanbieders van virtuele activa helemaal verbieden, aangezien gebruikers eenvoudig kunnen overstappen naar buitenlandse platforms of zelf-gehoste wallets die buiten het binnenlandse toezicht vallen.
De FATF waarschuwt daarom dat een verbod zonder effectieve handhavingsmechanismen kwetsbaarheden kan achterlaten die criminele netwerken kunnen benutten voor witwassen en fraude. Digitale activa kunnen snel geld over de grenzen verplaatsen, waardoor het moeilijker wordt voor autoriteiten om het spoor te volgen via traditionele financiële kanalen.
Het rapport benadrukt gevallen die de omvang van deze uitdagingen illustreren. Een voorbeeld betreft een netwerk van bedrijven in Cambodja dat beschuldigd wordt van het witwassen van meer dan $4 miljard tussen 2021 en 2025.
Volgens de bevindingen kunnen netwerken van dit soort gebruikmaken van stablecoins, ongehoste wallets en over-the-counter handelsintermediairs om geld tussen rechtsgebieden te verplaatsen en de oorsprong en bestemming van illegale opbrengsten te verhullen.
De FATF wijst ook op het belang van rechtsgebieden met zwakke of onvolledige regelgevingskaders, waar illegale stromen gemakkelijker toegang kunnen vinden tot het internationale financiële systeem. Het monitoren van de verbindingen tussen traditionele financiën en de digitale-activa-economie wordt daarom steeds belangrijker.
Voor Marokko betekent dit niet automatisch dat het land een bestemming is voor dergelijke activiteiten. Het roept echter vragen op over het vermogen van de autoriteiten om illegale transacties te detecteren die worden uitgevoerd via kanalen die buiten het bereik van het binnenlandse financiële systeem vallen.
Het beoordelingskader van de FATF dekt rechtsgebieden die ongeveer 97% van de wereldwijde virtuele activamarkt vertegenwoordigen. Marokko verschijnt binnen dit kader op basis van de methodologie die door de internationale toezichthouder wordt gebruikt en niet noodzakelijkerwijs vanwege de omvang van zijn binnenlandse cryptomarkt.
De technische nalevingsrating van Marokko blijft ook op "gedeeltelijk compliant" (PC), een classificatie die sinds 2024 onveranderd is gebleven.
Deze beoordeling betekent niet dat de FATF Marokko oproept om Bitcoin te legaliseren of cryptocurrencies formeel goed te keuren. In plaats daarvan benadrukt de organisatie dat landen de risico's die gepaard gaan met virtuele activa moeten begrijpen en concrete maatregelen moeten nemen om illegale activiteiten te voorkomen en te bestraffen.
Volgens de normen van de FATF wordt van rechtsgebieden die ervoor kiezen om een verbod in te voeren, nog steeds verwacht dat ze een uitgebreid begrip van de risico's ontwikkelen en mechanismen opzetten die in staat zijn om individuen of entiteiten die ongeautoriseerde virtuele activadiensten aanbieden, te identificeren en te sanctioneren.
De gegevens tonen ook aan dat slechts 16 van de 21 rechtsgebieden die een expliciet verbod op aanbieders van virtuele activa meldden, hebben aangegeven handhavingsmaatregelen te hebben genomen. De cijfers benadrukken de ongelijke uitvoering van verbodsbepalingen in verschillende rechtsgebieden.
In het geval van Marokko biedt het FATF-rapport geen gedetailleerde informatie over handhavingsmaatregelen tegen ongeautoriseerde aanbieders van virtuele activa, wat een belangrijke vraag oproept over hoe effectief het bestaande verbod in de praktijk wordt geïmplementeerd.
Een alternatieve aanpak wordt internationaal steeds meer verkend: het toestaan van bepaalde virtuele activiteit onder strikte regelgevende supervisie, terwijl het gebruik ervan als betaalmiddel verboden blijft.
Landen zoals Indonesië en Turkije hebben modellen ontwikkeld die bepaalde investerings- en handelsactiviteiten toestaan, terwijl ze beperkingen opleggen aan het gebruik van crypto-activa voor betalingen. Dergelijke kaders proberen een middenweg te creëren tussen een volledig verbod en ongecontroleerde marktliberalisering.
Voor Marokko zou elke toekomstige stap richting regulering kunnen voortbouwen op bestaande financiële en toezichthoudende instellingen, waaronder Bank Al-Maghrib en de Marokkaanse Autoriteit voor de Effectenmarkt. Regulering zou echter een uitgebreid kader vereisen in plaats van simpelweg vergunningen te verlenen aan handelsplatforms.
Zelf-gehoste wallets blijven een van de moeilijkste elementen voor elk op verbod gebaseerd beleid. Autoriteiten kunnen niet gemakkelijk directe overboekingen tussen digitale wallets voorkomen die niet worden beheerd door een gecentraliseerd platform of gereguleerde tussenpersoon.
Een praktischere risicobeheerstrategie zou zich daarom richten op de punten waar het traditionele financiële systeem in contact komt met de digitale-activa-economie. Dit omvat transacties die Marokkaanse dirhams omzetten in virtuele activa en vice versa, evenals sterkere internationale samenwerking om verdachte grensoverschrijdende stromen te traceren.
Een ander belangrijk element is de FATF "Travel Rule", die vereist dat aanbieders van virtuele activa specifieke informatie over de betrokken partijen bij transacties verzenden. Volgens de FATF heeft 83% van de rechtsgebieden die onder de beoordeling vallen, wetgeving aangenomen met betrekking tot de regel, hoewel de uitvoering ongelijk blijft.
Voor Marokko betekent de afwezigheid van lokaal geregistreerde aanbieders van virtuele activa dat de Travel Rule momenteel niet op dezelfde manier van toepassing is als onder een gereguleerde markt. Mocht het land uiteindelijk naar formele regulering bewegen, dan zou naleving van de regel echter een centraal onderdeel van zijn toezichtsraamwerk worden.
Elke overgang van verbod naar regulering zou ook sterkere waarborgen tegen witwassen, rapportage van verdachte transacties, risico's op gegevensbescherming en internationale informatie-uitwisseling vereisen. Toezichthoudende en onderzoeksautoriteiten zouden extra technische en menselijke middelen nodig hebben om digitale activa te volgen en steeds geavanceerdere vormen van cyber-enabled financiële criminaliteit te begrijpen.
De risico's strekken zich uit voorbij witwassen en fraude. De FATF identificeert ook zorgen met betrekking tot terrorismefinanciering, sanctiewetgeving en proliferatiefinanciering, wat de noodzaak versterkt voor autoriteiten om effectief toezicht te houden op digitale financiële stromen.
Uiteindelijk legt de FATF Marokko niet de verplichting op om cryptocurrencies te legaliseren. In plaats daarvan presenteert het een complexere eis: als Marokko zijn verbod handhaaft, moet het aantonen dat het verbod wordt ondersteund door effectieve handhaving en dat illegale activiteiten die buiten het formele systeem doorgaan, nog steeds kunnen worden geïdentificeerd en aangepakt.
De discussie verschuift daarom verder dan de eenvoudige vraag of cryptocurrencies moeten worden toegestaan of verboden. De bredere kwestie is of overheden financiële risico's kunnen beheersen in een digitale markt die over grenzen heen opereert en activa kan verplaatsen zonder afhankelijk te zijn van conventionele bancaire infrastructuur.
Nu Marokko de toekomstige onderlinge evaluatierondes binnen het FATF-stijl regionale kader van het Midden-Oosten en Noord-Afrika nadert, zal het vermogen om concrete bewijsstukken van toezicht, handhaving en internationale samenwerking te leveren, waarschijnlijk steeds belangrijker worden.
Voor Marokko wordt de regelgevende uitdaging daardoor steeds moeilijker te vermijden. Het handhaven van een verbod vereist aantonen dat het verbod in de praktijk werkt, terwijl een toekomstig reguleringsmodel de autoriteiten meer zicht zou kunnen geven op de punten waar het traditionele financiële systeem de snel evoluerende wereld van virtuele activa ontmoet.
-
16:45
-
16:28
-
16:10
-
15:47
-
15:30
-
15:15
-
14:47
-
14:29
-
14:10
-
13:57
-
13:45
-
13:26
-
13:10
-
12:47
-
12:30
-
12:12
-
11:47
-
11:30
-
11:11
-
10:47
-
10:30
-
10:27
-
10:27
-
10:10
-
09:47
-
09:30
-
09:13
-
08:45
-
08:28
-
08:10
-
07:47
-
07:32
-
07:15
-
19:00
-
18:33
-
18:15
-
17:48
-
17:32
-
17:15